NAJAAR OP TEXEL: TRIOOTJE ZELDZAAMHEDEN!
MINIBUSEXCURSIE, WOENSDAG 21 OKTOBER 2026
Na de driedaagse van afgelopen week mocht ik woensdag (gisteren, voor de snelle lezers) wederom richting 'het Vogeleiland', nu voor slechts een dag. Je weet dan vooraf dat je (soms pijnlijke) keuzes moet maken en dat je tijdtechnisch lang niet alle plekken die je graag zou willen bezoeken ook daadwerkelijk zult bereiken. De excursies zijn altijd flexibel, dus we laten vooral de soorten en de omstandigheden deze pijnlijke keuzes maken. Zo is dus geen enkele excursie hetzelfde en weten we ook pas wanneer we het eiland daadwerkelijk oprijden welke kant de minibus op zal gaan.
We kregen deze dag een mix van zon en wolken, maar ook een wind die in de loop van de dag zou aantrekken. Het leek dus verstandig om te beginnen op een plek waar we kans zouden maken op zangvogels; teveel wind maakt het zoeken daarnaar een stuk lastiger omdat alles beweegt en ook de roepjes moeilijker op te vangen zijn.
En juist die roep bracht ons tijdens de eerste wandeling een erg mooie verrassing: een zeldzame Bruine boszanger! De weg naar de identificatie was een voor mij geijkte. Toen ik de vogel voor het eerst hoorde roepen riep ik meteen de juiste soort (zo moeilijk is de roep niet...), maar daarna kwam er toch weer even twijfel. Wanneer ik (met een groep) een zeldzame soort vindt, overwint eerst het instinct, waarna vlak daarna de onzekerheid altijd even de overhand neemt. Wat je natuurlijk niet wilt, is mensen blij maken met een dode mus. Gelukkig duurde die twijfel maar een seconde of tien, want mijn imitatie van de 'smakroep' van de soort werkte goed en even had ik prachtig een Bruine boszanger vol in de kijker. Maar wat de soort zo vaak doet, deed 'ie nu ook: hij verdween heel snel in de dichte begroeiing. In het halfuur dat volgde reageerde de vogel aanvankelijk nog op de roep en zang door vooral van struikje naar struikje te vliegen. Na nog een laatste roepsessie bleef het echter stil en hadden we de vogel wel vluchtig gezien, maar was er nog geen bewijs (iets wat ik altijd toch wel heel prettig vind bij een zeldzaamheid). Net toen we weg wilden gaan, zag ik in mijn ooghoek ineens weer twee kleine zangvogels 'skulken'. Een was een Tjiftjaf, op de tweede wist ik nog net mijn lens gericht te krijgen. Uiteraard had de autofocus weer eens meer oog voor een kaal stengeltje op de voorgrond. We moeten met de moderne techniek toch wel in staat zijn een camera te laten begrijpen dat we NOOIT uit zijn op een scherpe foto van een stengel, maar ALTIJD op het object daar meteen achter!? Hoe dan ook, op een foto kun je met veel fantasie nog net een Bruine boszanger ontwaren. Lange, prominente wenkbrauwstreep, donkerbruine mantel, smoezelige onderdelen, poten overwegend donker maar met opvallend oranje voeten en in de kijker heb ik ook de donkere, spitse snavel met overwegend gelige ondersnavel gezien. Gelukkig hebben we de foto nog? Nee, in dit geval is het vooral jammer dat we geen betere foto hebben. Maar uiteraard waren we erg blij met deze fijne vondst; het was nog maar mijn tweede 'eigen' Bruine boszanger ooit! Verder zagen we tijdens de eerste wandeling plus een blik op de Mokbaai een aardig rijtje aan leuke maar over het algemeen niet echt zeldzame soorten. Hoogtepunten waren o.a. meerdere overvliegende Barmsijzen, een Zeekoet, Zwarte zee-eenden, Havik, Vuurgoudhanen en mooie aankomst van o.a. Koperwieken, Kramsvogels en Vinken.







Omdat de zeer zeldzame Izabeltapuit, die enkele dagen eerder was gevonden, nog steeds bleek te bivakkeren nabij De Cocksdorp en deze vogel voor velen 'nieuw' zou zijn, besloten we deze eerst met een bezoek te vereren alvorens ons eigen plan verder te trekken. Het bleek een juiste beslissing; de vogel liet zich heel erg mooi zien in wat ongeveer het laatste uurtje zonneschijn van de dag zou zijn. Het vervolgbezoek aan het Roodkeelplasje was wat minder productief en bracht alleen algemene soorten.






Na de traditionele koffie/toiletstop bij het Vogelinformatiecentrum, waar we zoals altijd gastvrij werden ontvangen, reden we door naar uitkijkpunt Diepe gat. Heel veel bijzonders zagen we daar ook niet, het waren vooral de te verwachten soorten als Rosse grutto, Kanoet, Bonte strandloper, Zilverplevier en Lepelaar die zich daar toonden.
We besloten vanaf hier het eiland over te steken en langs de Waddenkust af te zakken voor de laatste twee uurtjes van de dag. We hadden de Waddendijk net in zicht toen er een melding kwam van een juveniele Amerikaanse goudplevier op zes minuten van waar wij ons bevonden. Dat konden we niet laten liggen, dus reden we rechtstreeks naar de locatie toe. De groep Goudplevieren was snel gevonden en ook het vinden van de Amerikaan was een koud kunstje. De vogel foerageerde namelijk vrij los van de groep, was heel actief en ook tijdens en na het opvliegen was het een kwestie van de rand van de groep opzoeken en je had de vogel snel in het vizier. De wind, die echt aan het aantrekken was en recht over het veld waaide, maakte het echter wel uitdagend om de vogel in beeld te houden. Maar het was een leuke soort in een mooi, strak juveniel kleed en bovendien weer nieuw voor de meesten. Voor mij was dit een nieuw kleed; dat voelt altijd ook wel een beetje feestelijk!




Daarmee hadden we dus een triootje zeldzaamheden in de kijker gehad, dus soorttechnisch zat het weer helemaal snor! Het staartje besteedden we nog aan het scannen van wat binnendijkse plasjes. Dat leverde nog een late, maar vooral ook verre Temmincks strandloper op. Desalniettemin een prima afsluiter van wederom een fijn dagje eiland!





Opmerkingen