PRIVÉ-EXCURSIE: VAN ALOM AANWEZIGE ARENDEN, AFWEZIGE UILEN EN AARDIGE "BIJVANGSTEN"!

Bijgewerkt: feb 22

Het is altijd weer leuk en enigszins spannend om te zien wie er bij een privé-excursie uit de auto stappen en met wie je dus een dag op stap mag. Tegenwoordig zijn dat overigens vaak bekenden dan wel vaste gasten, maar vandaag mocht ik op stap met twee personen (zo veel wist ik) die al wel Birdingholland.nl-ervaring hadden, maar niet met mij. Het bleken twee jonge zussen uit Rotterdam, Inge en Monika, te zijn, die een weekendje in het noorden hadden gepland rondom het thema "vogels". Ze hadden vogelspellen meegenomen, hadden vogelfilms en documentaires op het programma staan en ik (Martijn) had de eer het dagprogramma voor hen te mogen verzorgen. Ze hadden als wenssoorten roofvogel en uilen, maar gaven meteen aan dat ze ook voor andere soorten en soortgroepen zeer te porren waren. Veel was nieuw, alles was leuk; altijd een mooie motivatie om de dag mee in te gaan. Één soort stond overigens wel bovenaan de wensenlijst: Zeearend. Met name Inge had al meermaals wonderbaarlijk om deze soort heen gevogeld en was er inmiddels wel aan toe om 'm een keer in Nederland te zien.

Ik trof het duo om negen uur en startten... vals! Het is altijd bijzonder vervelend om soorten te missen, maar op één of andere manier vond ik het nu extra zuur dat we de dag moesten beginnen met een afwezige uil. Vorige week schreef ik nog dat het zo fijn is om een betrouwbare vogel te hebben om excursies mee af te trappen, maar dat is natuurlijk ook de goden verzoeken. De Bosuil strafte mijn overmoedige pennenstreek genadeloos af, want gunde ons slechts een blik op een pijnlijk leeg gat in "zijn" boom. Het onderstreept maar weer eens dat wat we eigenlijk al lang weten: bij vogels kijken kun je niets als vanzelfsprekend aannemen en eigenlijk is dat maar goed ook.

Erg jammer, dat natuurlijk wel, maar geen reden om ons uit het veld te laten slaan (oké, heel even dan ;-)). De Bosuil huist namelijk op een mooi landgoed waar nog veel andere leuke soorten te vinden zijn. De lente zwaaide ook hier inmiddels de scepter en zorgde voor een symfonie aan geluiden, waarbij de spechten (o.a.) de ritmesectie vormden. Zie lieten zich derhalve makkelijk vinden en tussen de vele Grote bonte spechten zagen we dan ook vrij snel 2-3 prachtige Middelste bonte spechten!


Middelste bonte specht
Middelste bonte specht
Middelste bonte specht bij iets wat een nestholte zou kunnen worden/zijn??

Ook de twee Rode eekhoorns, die acrobatische toeren uithaalden in de boomkronen, waren leuk en noemenswaardig, evenals een overvliegende Havik.

Om de trefkans met Zeearend zo groot mogelijk te maken, besloot ik de route iets om te gooien ten opzichte van het gangbare plan. Een grote kans om ze te zien heb je natuurlijk rondom een nestlocatie, die op het moment klaar gemaakt worden voor het komende broedseizoen. Het mooie van de plek bij het Zuidlaardermeer is dat je het nest prima kunt bezoeken. Je staat ver genoeg weg om de arenden op geen enkele manier te kunnen verstoren, terwijl je als liefhebber met kijker en telescoop genoeg kunt zien om heel enthousiast te worden. Dus parkeerden we halverwege de ochtend de auto aan het begin van de onverharde weg en liepen richting de plek waarvandaan je het beste uitzicht hebt. Onderweg troffen de de eerste overtrekkende Ooievaars van dit voorjaar alsmede enkele schitterend, knalgele Geelgorzen! Die kom je ook niet tegen rondom Rotterdam ;-)

Geelgors in de voorjaarszon

Al snel zag ik op grote afstand twee dikke stippen in een top van een boom zitten. Bingo! Hoewel de afstand net wat te groot was om daadwerkelijk te kunnen zeggen dat je een Zeearend in volle glorie hebt gezien, waren ze natuurlijk onmiskenbaar!

Paartje Zeearend

De meiden kozen ervoor om even wat tijd te steken in deze vogels. Roofvogels in het algemeen en Zeearenden in het bijzonder kunnen lang stilzitten, maar we gokten er toch op dat ze binnen afzienbare/te overziene tijd naar het nest zouden verplaatsen, wat de kwaliteit van de waarneming enorm zou verbeteren. Ondertussen werden we vermaakt door o.a. een grote groep Kramsvogels, een leucistische Kolgans en een groepje Reeën.

Leucistische Kolgans met twee "normale" soortgenoten.

Na wat ongeveer een half uurtje moet zijn geweest (een peulenschil in de wereld van een arend), gebeurde inderdaad waar we op hoopten: de vogels vlogen beide van de boom naar het nest, alwaar verder werd gegaan met het fatsoeneren en klaar maken voor wat komen gaat. Geweldig!

Paartje Zeearend op de enorme horst; man voor, vrouw erachter.

In de aanname dat het hier niet mooier zou worden (we zullen het nooit daadwerkelijk weten), konden we nu met een gerust hart richting Lauwersmeer. Ook daar maak je natuurlijk kans op de soort, maar de ervaring leert dat de afstand tot de vogels daar doorgaans veel groter is dan in het Zuidlaardermeer, dus wat er ook te gebeuren stond: dit hadden we maar alvast.

In Lauwersmeer was het wel de bedoeling om te wandelen naar de plek van waar je de grootste kans maakt op een waarneming van Zeearend, de uitkijkbult De Pomp. Na een kop thee met Groninger koek en in een onwerkelijk warm weer voor februari (wat een contrast met vorige week!) liepen we naar de bult, alwaar het eerst relatief rustig leek. We hoorden wat Rietgorzen en Graspiepers zingen en er vlogen wat Buizerds en Torenvalken rond, maar verder was het vooral het weer en de weidsheid waarmee we het moesten doen. Dat veranderde echter snel toen we eerst het paartje Zeearend (inderdaad zeer ver weg) vonden, waarna al snel een hele rits aan waarnemingen volgden. Overal leken ineens Zeearenden te vliegen; in totaal ging het naast het bekende paartje om zeker drie onvolwassen vogels. Helaas bleven ook zij op respectabele afstand, maar onze Swarovski telescoop alsmede de leenverrekijkers die we van Foto Sipkes in Groningen voor onze excursies mogen gebruiken, maken in dit geval veel goed en zorgen er toch voor dat de vogels prima te volgen zijn!

Echt fotogeniek waren de Zeearenden door de afstand niet; hier voor het idee toch een plaatje van één van de jonge vogels.

Zo heb je nul Zeearenden in Nederland, zo heb je er ZEVEN! Het kan tegenwoordig snel gaan! Maar er was meer, want tussen de Zeearenden door werden we ook nog verrast met een prachtige man Blauwe kiekendief. Wellicht minder mooi maar een heel stuk zeldzamer (en slechts te tweede maar verreweg beste waarneming deze winter) was de Ruigpootbuizerd, die langzaam maar zeker steeds dichterbij kwam (braaf!) om uiteindelijk op leuke afstand langs te vliegen. Deze soort is deze winter zo goed als exclusief voorbehouden aan de provincies Friesland en (vooral) Groningen en dan ook nog in lage aantallen. Erg leuk, dus!

Ruigpootbuizerd!
Ruigpootbuizerd (tweemaal dezelfde vogel)
Winterpareltje: Blauwe kiekendief (3kj man)

De volgende stop was de Bantpolder, waar de grote groepen ganzen te ver weg zaten om lekker te kunnen bekijken. Wel zagen we o.a. enkele mooie Pijlstaarten dichtbij (niet te versmaden), liep er een Witbuikrotgans in een klein groepje dat wel aan de weg was blijven zitten en vonden we een fikse groep Fraters. Hoeveel het er waren is moeilijk te zeggen, want ze foerageerden nogal breeduit, maar het waren meerdere tientallen vogels. Zoals in eerdere verslagen al gezegd: ook dit is een soort die je moet koesteren, die tegenwoordig exclusief te vinden is langs de Waddenkust, maar die ik op deze locatie (binnendijks, dus) nog niet eerder was tegengekomen. Een aangename verrassing, dus, die netw at te ver in het gebied zaten voor bewijsmateriaal. Hier toch een poging.