PRIVÉ-EXCURSIE: KLEIN POLEN IN HET FOCHTELOËRVEEN!

Na de groepsexcursie van afgelopen weekend mocht ik maandag alweer het zo geliefde Fochteloërveen in. Weer waren zowel de omstandigheden (misschien wat warm) en het gezelschap (Stella en Maartje) perfect en zagen we dus erg uit naar de dag die in het verschiet lag. We begonnen met de eerste wenssoort van de dames, de Kraanvogels. Van de paartjes die tot broeden zijn gekomen zijn de jongen inmiddels alle uit het ei, maar de fases waarin ze verkeren liggen nogal uit elkaar. Zo loopt er een koppel rond met een jong dat al even groot is als de ouders, maar zagen we later vanuit de "Zeven" ook een paartje met nog een piepjong juveniel. Hoe dan ook, het blijft een genot de soort te kunnen zien en elk broedsucces is er één om te koesteren.

Kraanvogel met volgroeid jong. Mocht je het geluk hebben om vogels langs de weg aan te treffen, blijf dan rustig in de auto. Zo kun je van de vogels genieten zonder ze te verstoren.
Paartje met nog heel jong jong (bruin bolletje tussen de twee adulten in), te zien vanuit "De Zeven"

Zoals hierboven al gezegd stond ook de uitkijktoren op het programma. Toen we uitstapten op de parkeerplaats, werden we meteen verrast door een kortstondige waarneming van een vlinderende Wespendief. Maar een nog mooier en vooral nog verrassender moment volgde even later. Nabij een open plek in het bos werd ik overvallen door een enorme weemoed bij het horen van een langdurig zingende... Zomertortel! Mijn gasten waren nog beginnende vogelaars en wisten derhalve niet waarom ik zo enthousiast werd, maar mensen die het verhaal van de soort wel kennen weten dat je tegenwoordig je handen moet dichtknijpen met elke waarneming van deze soort. Dertig jaar geleden waren ze nog vrij algemeen, maar tegenwoordig mag je je met recht afvragen of dit wellicht de laatste zingende vogel is die je zelf zult vinden. Helaas kregen we de vogel niet in beeld, maar het minuten lange gekoer alleen al bezorgde me kippenvel.

Een vogel die we wel in beeld kregen, en wel op precies dezelfde plek als twee dagen eerder, was een Fluiter. Ze zitten al het hele voorjaar pal naast het wandelpad en hebben daar blijkbaar ook een nestje, want we werden opgewacht door een oudervogel met voedsel in de snavel. In zo'n geval weet je dat je niet te lang moet blijven staan, maar aangezien we er toch langs moesten, konden we in het voorbijgaan de soort mooi bekijken en snel een plaatje maken.

De uitkijktoren zelf leverde, naast de eerder gememoreerde Kraanvogels, niet gek veel op, in het bos zagen we nog o.a. een familie Boomklevers, Goudhanen en Kuifmezen en hoorden we een Havik roepen. Terug bij de parkeerplaats kwam er een volgende leuke roofvogel hard en kort overvliegen: tweedejaars Grauwe kiekendief (!) verdween te snel over de bomen voor een foto maar is natuurlijk een soort die meer dan noemenswaardig is, zeker hier!

Kuifmees

Na de koffie met koek en een vrij rustig wandelingetje in het veen (wel met o.a. Veenhooibeestjes) stond de volgende stop op het programma. Wie het vorige blog heeft gelezen weet dat we tijdens de groepsexcursie in het gebied een hoek bezocht hebben waar we zomaar en zowaar enkele Draaihalzen aantroffen, ook nog eens in gezelschap van o.a. een paartje Grauwe klauwieren. Ondanks dat Stella en Maartje ook de algemenere soorten al zeer wisten te waarderen, mag je natuurlijk als gids geen mogelijkheid onbenut laten om deze mooie soorten te laten zien. Je kunt ze maar beter "hebben", immers, en ik was zelf wel benieuwd of we hier inderdaad met meerdere Draaihalzen en wellicht zelfs met uitgevlogen juveniele exemplaren te maken hebben. Draaihalzen zijn sowieso vogels waarvan je er nooit genoeg hebt gezien. Al heb je er, bij wijze van spreken, net tien gezien, de elfde wil je ook gewoon weer in beeld krijgen en bezorgt dan een even euforisch gevoel als de eerste; het is een soort waar je nooit aan went!

Eenmaal aangekomen op de bewuste plek, na eerst genoten te hebben van "gewone" maar niet minder mooie Gele kwikstaarten, kregen we meteen een wenssoort van mijn gasten in beeld: Een Blauwborst deed goed z'n best om tijdens het voeren van de jongen ons ook nog te vermaken met enkele zangstrofen. Ook de Paapjes waren vrij rijkelijk vertegenwoordigd en samen met de Roodborsttapuiten zat er alvast genoeg kleur in de eerste soorten op deze locatie!

Vrouw Paap
Blauwborst
Blauwborst
Boompieper

Nadat we eerst een overvliegende, tweedejaars Zeearend en vlak daarna vaste gast Emma aantroffen, was het al snel raak: Twee Draaihalzen jakkerden achter elkaar aan, waarbij er ééntje kortstondig in een open struik zat. Helaas ontkwam de vogel ook nu weer aan een foto, maar kort erna lukte het documenteren wel: zeker twee verschillende vogels zaten langere tijd in een struik te zonnen, beide met de snavel open ter afkoeling. Ik kon ze mijn beide gasten door de telescoop laten zien en kon daarbij dus zelf wat foto's maken. Nu weet ik niet precies of Draaihalzen op z'n afstand op leeftijd te brengen zijn, maar het feit dat ze rustig in een struik zitten geeft aan dat ze niet aan het voeren zijn. Daarnaast leken ze vrij strak in de veren te zitten en zagen de mondhoeken er ook uit zoals ik zou verwachten bij vooral jonge vogels, maar ik weet niet hoe hard deze kenmerken zijn (ik heb niet gek veel ervaring met juveniele Draaihalzen...). Al met al vermoed ik voorlopig dat we hier te maken hebben met een geslaagd broedgeval, waarvan de uitgevlogen jongen in ieder geval nog in het gebied aanwezig zijn. We zagen daarna iets verderop nog een keer een Draaihals, dus om hoeveel exemplaren het gaat is niet helemaal duidelijk. Geweldig is het echter wel en het mooie is dat je de vogels hier rustig vanaf het pad en van achter een hek kunt bekijken. Verstoren en (te) dichtbij komen kan dus niet, maar genieten en bekijken kan prima; een ideaal scenario bij een kwetsbare soort als deze!

Zonnende Draaihals. Kleed lijkt niet gesleten, mondhoek is roze (juveniel?) en de vogels waren niet actief aan het foerageren (dus leken in ieder geval niet op nog voerende ouders). Commentaren/inzichten zijn welkom!
Tweede exemplaar